maandag 12 september 2016

Over 'Tot er woorden waren, waren we niets' van Jos van Daanen

Recensie Frank Decerf

Over liefde... Over vaders, over filosoferen: hoeveel dichters hebben al niet hun heil gezocht in deze onderwerpen? Waarom vinden heel wat dichters het noodzakelijk om hun ”moeders” en “vaders” in versregels vast te leggen? Ook Jos van Daanen sluit zich bij deze club aan. Ik hou mijn adem in…

In de cyclus ”… en over de liefde” concentreert de dichter zich vooral op de vertwijfeling en de onzekerheid. In zijn verzen roept hij een afstandelijkheid op en houdt het mysterie gaande. Het verlangen naar onmogelijkheden vormt de ondertoon. Eenzaamheid de saus die alles moet binden. Het isolement als krachtig wapen. Van Daanen schrijft loepzuiver en zijn originele invalshoeken brengen verfrissing. Hij selecteert zijn bouwstenen heel secuur om tot stabiele constructies te komen. Hij houdt de lengte van zijn gedichten streng onder controle.


Vertraging

In een bushokje kun je best
zonder gedachten zijn. Je kunt uitkijken
over het zware water van de vaart
en toezien hoe ijs zich in grote lijnen
naar de oppervlakte schrijft. Je kunt ook
de bus missen.

In dit bushokje kan ik vanaf de wal
lezen wat je zei. Een enkele lange zin
die naar de Noordzee leidt,
maar die voorbij de brug al niet meer
bij me binnendringt. Hoe lang de bus ook
nog niet rijdt.

De andere kant op is
de eeuwigheid, de horizon van niets,
de bus en de bestuurder
die hoofdschuddend
in de richting van het verdwijnpunt glijdt.


In “... over vaders (ook als die op water lopen)” vormt herinnering de hoofdcomponent; de dichter gaat terug naar het verleden, vrijt met wat broze nostalgie. Ook hier is er vooral de onmogelijkheid tot communicatie sterk aanwezig. De afstandelijkheid blijft een sterke barricade waarover je moeilijk heen raakt. Zelfs met de mobiel lukt het niet, cfr. Wat een vader zijn zoon nog appen kan. De trage aftakeling en het eindelijke vertrek probeert de dichter aanvaardbaar te maken. Respectvol voor wat was. Inzichtelijk sterke analyses over wat niet te stuiten is. Ooit is het voorbij, alles moet een einde kennen.

De bundel wordt afgesloten met “... en over denkingen en wegingen”. Hier is het houvast zoek. De mens die twijfelt, maar toch blijft zoeken. De optimist die niet opgeeft. Voor wie van abstraherende poëzie houdt, is dit een reeks gedichten die je moet gelezen hebben. Zo ook “Omlopen”.


Tot er woorden waren, waren we niets, Jos van Daanen, Uitgeverij Kleinood & Grootzeer, 2016, ISBN/EAN 978-90-76644-77-6


© Recensie: Frank Decerf


Geen opmerkingen: